1.2.1 Ruimtelijke ontwikkeling
We werken met de in 2026 gewijzigde Omgevingsvisie en Omgevingsverordening. Daarmee hebben we een vernieuwd kader voor ons omgevingsbeleid. We ontwikkelen onze provincie in balans met de Utrechtse Kwaliteiten, elementen die van grote waarde zijn voor onze provincie, zoals de natuurwaarden op de Utrechtse Heuvelrug en het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies. Dit doen we door ontwikkelingen te concentreren en combineren en door gebiedsgericht prioriteiten te stellen. In 2027 wordt een procedure doorlopen om in de Omgevingsverordening wijzigingen door te voeren die een kleine politieke impact hebben.
Ook starten we in 2027 met een nieuw kader voor het Provinciaal Programma Wonen en Werken. Dit wordt in 2028 vastgesteld. Tevens wordt het provinciale Volkshuisvestingsprogramma aan Provinciale Staten voorgelegd. Daarmee geven we invulling aan onze rol die voortvloeit uit de Wet versterking regie volkshuisvesting. Ook wordt invulling gegeven aan de nieuwe wettelijke taken op het gebied van volkshuisvesting, waarmee de provincie haar rol in de regionale afstemming en programmering van de woningbouw verder versterkt.
1.2.2 Landelijk Gebied
Op basis van het vastgestelde UPLG (14 juli 2026) en de verankering in de Omgevingsvisie en Verordening zal de transitie van het landelijk gebied worden doorgezet. Er wordt verder gewerkt aan de doorvertaling van het UPLG en de vernieuwde Natura2000-beheerplannen naar de verschillende deelgebieden. Het UPLG en het Natuurbeleid zullen zoveel mogelijk afgestemd worden op het Rijksbeleid dat in de zomer van 2026 is gepresenteerd. De prioriteit vanuit de provincie ligt daarbij op natuurherstel in Natura 2000-gebieden, de beekdalen (opgave vanuit de Kaderrichtlijn Water) en het veenweidegebied.
We verwachten dat ons generieke en gebiedsspecifieke stikstofbeleid in combinatie met het Rijksbeleid ervoor zorgt dat we de vergunningverlening voorzichtig weer op gang kunnen brengen door middel van doelschriftenvergunningen. In 2026 is daarvoor een apart programma opgestart. Wij ondersteunen agrariërs en particuliere grondbezitters bij de benodigde transitie. Het gaat dan bijvoorbeeld om subsidies en instrumentarium als gericht advies en ondersteuning. Agrariërs met een belangrijke grondpositie binnen Natura2000-gebieden of in de 250m-stikstofzones daaromheen, krijgen extra hulp en ondersteuning.
Het UPLG komt in een volgende fase waarin het ontwikkelen van instrumenten en monitoring steeds belangrijker worden. De gebiedsregisseurs gaan in hun deelgebied uitvoeringsagenda’s opstellen die op 1 juli 2027 afgerond moeten zijn. Per deelgebied komt er een bestuurlijke begeleidingsgroep die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het UPLG en de bijbehorende maatregelpakketten. De monitoring wat betreft stikstof, natuurherstel en ontwikkeling zal in samenwerking met de agrarische sector worden geïntegreerd en uitgebouwd om daarmee het beoogde doelbereik goed te kunnen monitoren en zo nodig bij te sturen.
We gaan in 2027 door met de aanleg en inrichting van nieuwe natuur, waaronder bossen. Het behoud van de kwaliteit van onze bestaande natuur is van groot belang. In 2027 subsidiëren we het beheer van natuur en agrarisch natuurbeheer. Met maatregelpakket- en SPUK middelen zetten we in op verbetering van de kwaliteit van onze Natura 2000 gebieden.
Met de soortenmanagement plannen buitengebied wordt er verder gewerkt aan een integrale gebiedsgerichte aanpak waarbij de (gunstige) staat van instandhouding van soorten versterkt wordt en vergunningen voor ruimtelijke ontwikkelingen soepeler verlopen. We werken aan verdere doorontwikkeling van de samenwerking met onze regionale partners en met partijen in de keten rondom de wolf om te komen tot duurzaam en conflictvrij samenleven met de wolf.
De landbouw is een belangrijke speler in de transitie van het landelijk gebied. We ondersteunen ondernemers binnen onze rol in bedrijfsontwikkeling en nieuwe verdienmodellen.
1.2.3 Bodem, water en milieu
In 2027 wordt het nieuwe beleidsprogramma Water en Bodem 2028-2033 vastgesteld. Hiermee leggen we de beleidskaders voor water en bodem en de doelen voor de Kaderrichtlijn Water (KRW) vast voor de nieuwe periode. Ook zijn we in 2027 volop bezig met het uitvoeren van het tweede Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2025-2028. We richten onder andere op het voorkomen van hittestress in de stedelijke omgeving, actualiseren we de instrumenten voor het in beeld brengen van de effecten van klimaatverandering op landbouw en het klimaatadaptief maken van de provinciale infrastructuur.
In 2027 werken we aan de uitwerking van de nieuwe Europese Bodemmonitoringsrichtlijn met als doel gezonde bodems in de provincie Utrecht. In 2027 hebben we inzicht in concrete maatregelen om de hydrologische omstandigheden in Natura 2000-gebieden te verbeteren. Tevens gaan we over tot uitwerking van de eerste projecten die zijn opgenomen in de kansenlijst Drinkwateropgave. Dit betreft zowel een kans waarbij oppervlaktewater de bron is, als kansen voor het uitbreiden van bestaande grondwaterwinningen.
In de Taskforce Veenweide maken we afspraken met onder andere waterschappen over een geborgde aanpak om te komen tot grondwaterstandsverhogingen in veenweiden. Hiermee gaan we bodemdaling tegen en verminderen we de CO2-uitstoot.
In 2026 is gewerkt aan het programma Gezonde en veilige leefomgeving 2027-2032. Het gaat om beleid
gericht op de inrichting van de leefomgeving, waarbij er mee gedacht wordt bij beleidsprogramma's en
projecten. Dit programma is in december 2026 in concept vastgesteld en ter inzage gelegd. In het eerste kwartaal van 2027 wordt het definitieve programma vastgesteld.
1.2.4 Energietransitie en klimaat
In 2027 schalen we de inspanningen om netcongestie te verminderen verder op in samenwerking met het Rijk en de andere partners in de Energy Board en met de provincies Gelderland en Flevoland. Samen met de netbeheerders breiden we de netinfrastructuur uit en bedenken we slimme oplossingen. Het vinden en realiseren van flexvermogen (Aanpak Megaflex) om uit de tijdelijke aansluitstop te komen of te blijven heeft hierbij prioriteit. Via de samenwerking met gemeenten in het Energiedienstencentrum (EDC) stimuleren we grootschalige isolatie van particuliere woningen. Ook voor bedrijven die willen verduurzamen is in 2027 ondersteuning beschikbaar onder andere via ontzorgingsprogramma's voor MKB en maatschappelijk vastgoed. Besluitvorming over de oprichting van een provinciaal Utrechts Warmte Ondersteuningsbedrijf is voorzien in de loop van 2027.
Om zoveel mogelijk invulling te geven aan de doelen van de Regionale Energiestrategieën voor grootschalige opwek van zonne- en windenergie, zullen ook in 2027 via projectbesluiten locaties voor windenergie mogelijk gemaakt worden. In 2027 zullen tevens de eerste energiebeelden worden opgeleverd. Deze brengen het energiesysteem beter in beeld en kunnen de basis vormen voor energieafspraken met het Rijk. Ook wordt het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (P-Miek) 3.0 opgeleverd.
In 2027 gaan we door met de uitvoeringsagenda’s van de Utrechtse Klimaataanpak en werken we verder aan de doelen uit de Middellange termijnstrategie Circulaire samenleving. Samen met kennisinstellingen, bedrijven, gemeenten en waterschappen werken we binnen de Alliantie Cirkelregio Utrecht aan circulaire projecten zoals Heel Utrecht Repareert. Ook kunnen circulaire en klimaatinitiatieven in 2027 weer subsidie aanvragen voor activiteiten die het grondstoffenverbruik verminderen en de CO2-uitstoot verminderen. De uitvoering van het provinciale beleid voor de circulaire samenleving wordt geëvalueerd. De resultaten, geleerde lessen en nieuwe ontwikkelingen worden verwerkt in een geactualiseerde uitvoeringsagenda.
1.2.5 Publieke mobiliteit
We blijven sturen op een betrouwbare uitvoering van de OV-concessies. Dit betekent dat de dienstregeling conform de vervoerplannen wordt uitgevoerd, zonder overmatige rituitval. Ook bewaken en faciliteren we de instroom van zero emissie-materieel als onderdeel van de concessies. Dit moet uiterlijk in 2028 leiden tot een volledige zero emissie-vloot van OV-voertuigen.
In 2027 start de planning- en studiefase van de Merwedelijn, in overeenstemming met de spelregels van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. In deze fase wordt de voorkeursbeslissing verder uitgewerkt tot een projectbeslissing.
1.2.6 Gezond en veilig
In 2027 willen we met Rijk en regio tot aanvullende afspraken komen voor de verdere verstedelijking in Groot Merwede Rijnenburg. De uitkomsten daarvan zullen bepalend zijn voor de activiteiten en inzet van financiële middelen in de komende jaren.
We gaan verder met de realisatie van de doorfietsroutes Amersfoort-Utrecht, Veenendaal-Utrecht, Houten-Lage Weide, Amersfoort-Hilversum, Hilversum-Utrecht en IJsselstein-Utrecht (opening in 2027) en bereiden de realisatie van de routes Houten Castellum-Utrecht, Amsterdam-Utrecht, Houten-Culemborg (tot de pont), Wilnis-Schiphol, Utrecht-Zeist-Amersfoort en Houten-Utrecht centrum verder voor.
Tot slot versterken we de aanpak van regionale verkeers(on)veiligheid.
1.2.7 Infrastructuur en benutten
Door het inzetten van verkeers- en incidentmanagement en het uitvoeren van ons dagelijks onderhoud houden we onze infrastructuur veilig en duurzaam beschikbaar voor alle weggebruikers.
We ronden in 2027 studies af naar de randweg Wijk bij Duurstede voor de ontsluiting van de Geer III en de kruispunten op de N229 Odijk. Ook ronden we het trajectonderzoek naar de N234 af. We realiseren verbeteringen aan de infrastructuur op de N210, de N201 en de N224 in Woudenberg en Renswoude. De spoortunnel in Maarsbergen wordt afgerond.
We realiseren en onderhouden onze infrastructuur vaker emissieloos en hergebruiken meer materialen. Ook draagt onze inrichting bij aan de natuur en wordt deze minder kwetsbaar voor de gevolgen van een veranderend klimaat.
1.2.8 Cultuur, erfgoed, recreatie en toerisme
In het eerste kwartaal van 2027 wordt de tussenevaluatie van het Cultuur en Erfgoed Programma 2025-2028 met Provinciale Staten gedeeld. Ook onderzoeken we het huidige en gewenste cultureel voorzieningenniveau. We richten ons op het versterken van de capaciteit en deskundigheid van gemeenten op het gebied van archeologie en erfgoed, via het landelijke programma Erfgoed en Overheid. Daarnaast blijven we ons inzetten voor het bekend, beleefbaar en toegankelijk maken van het UNESCO-werelderfgoed Hollandse Waterlinies en de Neder-Germaanse Limes, waarbij we verbindingen leggen met natuur, klimaat en recreatie.
Via onze deelname in de recreatieschappen blijven we prioriteit geven aan het wegwerken van achterstallig onderhoud in recreatiegebieden en -voorzieningen. Daarnaast werken we aan de verbinding tussen recreatie en bewegen in de openbare ruimte. Ook zetten we in op een betere spreiding van bezoekers. Zo brengen we de impact van recreatie en toerisme en de draagkracht van de leefomgeving beter met elkaar in balans.
1.2.9 Economie
In 2027 publiceren we de herijkte Regionale Economische Agenda (REA), die richting geeft aan de regionale economische samenwerking en profilering op nationaal en Europees niveau. We voeren de Ruimtelijk Economische Investeringsagenda (REIA) uit, met investeringsproposities voor ondermeer biotech, medtech, PFAS-verwijdering en Energiemanagementsystemen. Daarbij is aandacht voor de randvoorwaarden die nodig zijn voor deze proposities zoals fysieke ruimte, talent, woningen en bereikbaarheid. Ook wordt de nieuwe meerjarenstrategie van de Regionale Ontwikkelmaatschappij (ROM) afgerond en gepubliceerd, waarmee sturing wordt gegeven aan de inzet van de ROM voor de periode 2027-2030.
Daarnaast zetten we het proces voor kansrijke locaties voor regionale bedrijventerreinen voort. Samen met gemeenten en bedrijven werken we aan oplossingen voor netcongestie en de wateropgave op nieuwe bedrijventerreinen. We continueren het programma Werklandschappen van de Toekomst, gericht op duurzame, gezonde en groene bedrijventerreinen. We starten met de uitvoering van het Uitvoeringsprogramma Ruimte voor de Circulaire Transitie 2027-2030.
1.2.10 Bestuur
In 2027 vinden de Provinciale Statenverkiezingen en de verkiezing voor de Eerste Kamer plaats. Deze verkiezingen worden optimaal gefaciliteerd en na de verkiezingen wordt gestart met een uitgebreid inwerktraject voor de nieuwe Statenleden. Ook de vorming van een nieuwe coalitie wordt ondersteund evenals het inwerken van de nieuwe collegeleden.
We blijven investeren in de samenwerking met gemeenten, waterschappen en regio’s zoals de Metropoolregio Utrecht en Regio Foodvalley. Daarnaast zetten we ons ook binnen Europa in om de positie en slagkracht van regio’s verder te versterken. Ook bevorderen we de verbinding en betrokkenheid van inwoners en ondernemers bij de provincie. We richten ons in 2027 specifiek op het vergroten van de betrokkenheid van jongeren bij provinciale opgaven met de inzet van Jong Utrecht aan Zet. Daarnaast werken we aan een participatietoolbox om de kaders vanuit de participatieverordening te vertalen naar de praktijk. Via onze communicatiekanalen zetten wij ons in voor een transparante, zichtbare en vindbare overheid.
Door Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten tijdig en deskundig te voorzien van juridisch advies zorgen wij ervoor dat besluiten juridisch houdbaar zijn en passen binnen wet- en regelgeving. En door het versterken van onze juridische kwaliteit bouwen wij aan het vertrouwen van inwoners, partners en maatschappelijke organisaties.
