De Europese Centrale Bank (ECB) heeft begin juni 2026 het rentetarief verhoogd met 0,25% tot 2,25 %. De verdere renteontwikkeling zal afhangen van de geactualiseerde middellange termijn vooruitzichten voor de inflatie. Voor 2027 voorspelt het CPB (Centraal Planbureau) in de Macro Economische Verkenning van augustus 2026 een economische groei voor Nederland van 1,2%. Wel wordt aangegeven dat er risico's zijn die van grote invloed zijn op de groei met als belangrijkste de geopolitieke ontwikkelingen. De inflatie voor Nederland zal in 2027 naar verwachting 2,8% bedragen en de werkloosheid ongeveer 4,0%.
In het derde kwartaal van 2026 waren de tarieven voor de publieke sector voor lange rente rondom
de 4%, terwijl de korte rente ongeveer 3% was.
In deze begroting is 2027 nog geen rentelast opgenomen vanwege de onzekerheid of dit daadwerkelijk nodig is. Ervaring leert dat de kans op majeure rentelasten beperkt is. Dit zal natuurlijk worden gemonitord en indien nodig worden aangepast in komende P&C-producten. Vanaf 2028 is een rentelast opgenomen van € 4,2 miljoen. Mogelijk wordt de rentelast gebaseerd op de liquiditeitsprognose in 2027 bijgesteld.
Renteomslagpercentage
Voor de verwerking van rentelasten in de begroting en jaarrekening moeten de richtlijnen van de Notitie rente 2023 van commissie BBV gevolgd worden. Het saldo van de geraamde rentelasten en -baten worden met een renteomslagpercentage toegerekend aan de vaste activa en grondexploitatie. Het berekende percentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. Wanneer de werkelijke rente aan het einde van het jaar meer dan 25% afwijkt van de geraamde rente dan moet de toerekening verplicht bij de jaarrekening worden gecorrigeerd.
Omdat de provincie geen vaste geldleningen heeft is in de afgelopen jaren ook geen rente toegerekend. Ook in 2027 wordt naar verwachting geen vaste geldlening aangetrokken. Een renteopbrengst wordt verwacht van € 1 miljoen. Het renteomslagpercentage is berekend op afgerond 0%. Het renteresultaat is opgenomen onder het taakveld Treasury onder de algemene middelen.
De berekening van het renteomslagpercentage ziet er als volgt uit:
Renteschema: | Bedragen x € 1.000 | |||
|---|---|---|---|---|
a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering | 0 | |||
b. De externe rentebaten (idem) | -/- | 1.000 | ||
Saldo rentelasten en baten | -1.000 | |||
c1. De rente die aan facilitaire grondexploitatie moet worden doorberekend | -/- | 0 | ||
c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend | -/- | 0 | ||
c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend | +/+ | 0 | ||
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente | 0 | |||
d1. Rente over eigen vermogen | +/+ | 0 | ||
d2. Rente over voorzieningen | +/+ | 0 | ||
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente | -1.000 | |||
e. De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag) | -/- | 0 | ||
f. Renteresultaat op het taakveld Treasury | -1.000 | |||
Boekwaarde | 912.032 | |||
Omslagrente | -0,0 |
