Een revolverend fonds kan worden ingezet als middel om andere financieringsinstrumenten (lening, garantie, deelneming) te realiseren, waarbij de aflossing en of het rendement terugvloeien naar het fonds. Door het gebruik van revolverende fondsen worden middelen dus niet eenmalig uitgeven, maar revolverend of renderend en met een structureel effect ingezet. Het fonds houdt zichzelf in stand, met het doel middelen efficiënt in te zetten en met hetzelfde vermogen in meerdere projecten te investeren. Naast het geld dat wij zelf beschikbaar stellen is het vaak onze ambitie cofinanciering aan te trekken, bijvoorbeeld vanuit private partijen of vanuit Europa of het Rijk. Dit wordt de hefboomwerking of het multiplier-effect genoemd.
Er zijn vier revolverende fondsen, waarin we via kapitaalverstrekking of garantieverlening deelnemen. Dat zijn Gebiedsontwikkelingsfonds Mooi Rijnhuizen (1), N.V. Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) (2), de ROM Regio Utrecht (3) , Setu (4) en het Ontwikkelfonds Opwek (5) .
In bijlage 8 is informatie opgenomen over het doel en de basisgegevens van de revolverende fondsen.
(1) Gebiedsontwikkelingsfonds Mooi Rijnhuizen | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | Momenteel heeft de gemeente voor ongeveer € 8 miljoen aan contracten afgesloten met ontwikkelaars, 0,5 miljoen meer ten opzichte van vorig jaar. Afhankelijk van de fase van ontwikkeling van een woningbouwproject wordt geld afgedragen aan het fonds. Hierdoor kan de kapitaalinleg van de provincie in het revolverend fonds opnieuw ingelegd worden voor de volgende fase. Een deel van de opbrengsten uit de bouw van de woningen wordt ondergebracht in het gebiedsontwikkelingsfonds Mooi Rijnhuizen. Vanuit het fonds zijn inmiddels 3 straten en 3 parkdelen gefinancierd en aangelegd. Om Mooi Rijnhuizen te ontwikkelen tot een prettige woon- en werkwijk, wordt vanuit het fonds ook bijgedragen aan de ontwikkeling van groen en recreatie. Een voorbeeld hiervan is het ontwikkelen van een samenhangend en hoogwaardig park. Hierbij zal nadrukkelijk aandacht worden besteed aan de samenhang en verbinding vanuit ecologisch en cultuurhistorisch perspectief, zoals het verbinden van elementen uit de Nieuwe Hollandse Waterlinie (NHW) en het verbinden van de kastelen in Nieuwegein. Door het herstellen van het landschapspark Rijnhuizen en het zichtbaar en leefbaar maken van cultuurhistorie kan het Park meer betekenen voor het gebied Rijnhuizen, noord Nieuwegein en mogelijk ook de regio. Vanuit het fonds wordt onder meer de aanleg van fietsbrug(gen) gefinancierd om het gebied te ontsluiten met Nieuwegein City en NHW. |
Realisatie van revolverendheid | Gemeente en provincie zijn in 2015 een samenwerking aangegaan met betrekking tot het revolverend fonds. De uitgaven van de gebiedsexploitatie bevinden zich momenteel in fase 4. |
(2) Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | OMU is op basis van voorlopige gegevens tot en met 2025 betrokken bij de herontwikkeling van ongeveer 50 ha. bedrijventerrein en de transformatie van ruim 120.000 m2 kantoren. Eind 2025 zit er 7 ha. in het herstructureringsfonds in portefeuille en 5 ha in het transformatiefonds. |
Realisatie van revolverendheid | De investeringen en financieringen van afgeronde projecten zijn inmiddels allemaal volledig teruggekomen. Bij transformatieprojecten is het rendement (vooral op de financieringen) gemiddeld 7%. Bij transformatieprojecten blijven de gebouwen grotendeels staan (gemiddelde projecttermijn is 1-3 jaar). Bij herstructureringsprojecten (sloop-nieuwbouw) is het rendement vergelijkbaar (gemiddeld 7%). De projecttermijn is veelal langer (3-5 jaar). De maximale omvang van een financiering uit het transformatiefonds is € 2 miljoen per project. Voor de herstructuringsfondsen is het maximum € 10 mln. per project. Binnen het transformatiefonds heeft OMU tot en met 31 december 2025 ruim € 35 miljoen aan investeringen en financieringen uitgezet in projecten (nog los van faciliterende rol van OMU bij projecten). De oorspronkelijke € 16 miljoen is per eind 2025 ruim 2 keer in omloop geweest. Voor het herstructureringsfonds is € 27 miljoen geïnvesteerd in de aankoop van 7 werklocaties. Eind 2025 is er met een tweede tranche middelen opnieuw € 30 miljoen beschikbaar. Tot nu toe zijn de middelen 1 keer in omloop. |
(3) Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | Het Participatiefonds is in de zomer van 2020 gestart. In 2025 zijn er tien investeringen vanuit het Participatiefonds gedaan voor in totaal € 11,5 miljoen. Hiermee is een additionele € 32,6 miljoen aan privaat kapitaal aangetrokken. In totaal is er nu € 26,2 miljoen gecommitteerd en € 64,2 miljoen additioneel privaat kapitaal aangetrokken. |
Realisatie van revolverendheid | De revolverendheid van het Participatiefonds van de ROM is door het relatief korte bestaan en de geringe omvang van de uitstaande investeringen op dit moment nog niet goed toetsbaar. Het zal nog een aantal jaar duren voordat we hier beter zicht op krijgen. Vooruitlopend daarop wordt de portefeuille van het fonds ieder kwartaal beoordeeld of een waarde-afschrijving noodzakelijk is en indien nodig een reservering voor opgenomen. Op dit moment is er nog geen aanleiding om een waarde-afschrijving door te voeren of een reservering voor afschrijving op te nemen. Sinds 2024 (Q4) wordt tweemaal per jaar een fair-value waardering uitgevoerd. Uit de (half)jaarstukken volgt dat de huidige investeringenportefeuille ongerealiseerde meerwaarde bevat, maar deze ontwikkeling moet in perspectief tot de exploitatie van de ROM bezien worden. Pas vanaf het moment van verkoop van een belang kan het daadwerkelijke resultaat worden vastgesteld en daarmee ook de realisatie van revolverendheid. |
(4) Stichting Energiefonds Utrecht (SETU) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | SETU zorgt ervoor dat energiebesparende/opwekkende initiatieven en netcongestie verzachtende maatregelen zich kunnen ontplooien door ze duurzaam te financieren. |
Realisatie van revolverendheid | Per ultimo Q4 2025 is het risico-aandeel op de uitstaande financieringen 3,3% van het totaal aan uitstaande leningen binnen het provinciale deel van het fonds. Het totaal van de uitstaande leningen bedraagt € 9,3 miljoen. |
(5) Ontwikkelfonds Opwek (Stichting Groenfonds en Energie Samen) | |
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | Uit het huidige fondsvermogen is ca. 1,9 mln. uitgezet aan projectleningen. Op een totaal fondsvermogen van ruim € 7 mln. is dat 27%. Er zijn nog geen projecten afgeboekt. Het eerste project (een zonneveld) heeft financial close bereikt en een tweede een onherroepelijke vergunning. |
|---|---|
Realisatie van revolverendheid | Op basis van prognoses van de fondsmanager (peildatum 1 januari 2026) is op basis van de waarde van uitzettingen ten opzichte van wat daadwerkelijk uit de projectendepots is opgenomen sprake van een revolverendheid van 56%. Dit is gebaseerd op ca € 380.000 aan opnames uit de projectendepots en is een te geringe basis om voorspellingen te doen voor het gehele fondsvermogen. |
