Home

Bijlagen niet ter vaststelling (GS begroting 2027)

Wat willen we bereiken?

Beleidsdoel

2.1

Het natuurnetwerk (NNN) is robuust (ontwikkeld).

2.2

De kwaliteit van de natuur is goed/divers en veerkrachtig

2.3

De verbinding tussen natuur, mensen en maatschappij is sterk

2.4

Duurzaamheid is een substantieel onderdeel van de Utrechtse landbouw

2.5

De leefbaarheid van het landelijk gebied is door lokale initiatieven versterkt

Wat gaan we daarvoor doen?

Beleidsdoel

P2-1

Het natuurnetwerk (NNN) is robuust (ontwikkeld).

Meerjarendoel

2.1.1

Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is verder gerealiseerd (groter van oppervlakte)

Wat doen we?

  • Realiseren van functieverandering door middel van aankopen en verstrekken van SKNL-subsidies (afwaardering) aan terreinbeherende organisaties en particulieren.
  • Inrichten van gronden tot natuur door middel van uitvoeringsprojecten en verstrekken van SKNL-subsidies aan terreinbeherende organisaties en particulieren.

Beoogde resultaten:

  • Wijzigen van de functie van 50 ha aan percelen naar natuur
  • Inrichten van 250 ha aan nieuwe natuur, waarvan 10 ha nieuw bos

Meerjarendoel

2.1.2

De Groene Contour is verder gerealiseerd

Wat doen we?

  • We brengen het beleid voor de groene contour in lijn met de doelen voor het UPLG.

Beoogde resultaten:

  • Het beleid voor de groene contour is in lijn gebracht met de doelen voor het UPLG en passend bij onze opgaven op het gebied van nieuwe natuur
  • Dit beleid wordt opgenomen in het Beleidsprogramma Natuur.

Meerjarendoel

2.1.3

Natuurgebieden zijn beter met elkaar verbonden

Wat doen we?

  • Realiseren van groenblauwe dooradering via de subsidieregeling Leefomgeving Landelijk Gebied en via de maatregelpakketten UPLG.
  • We leggen oversteekvoorzieningen voor fauna aan op locaties waar dit, veelal in combinatie met andere wegwerkzaamheden, op een efficiënte wijze kan worden gerealiseerd.

Beoogde resultaten:

  • We realiseren minimaal 10 ha groene dooradering
  • We realiseren minimaal 1 hectare blauwe dooradering
  • We realiseren faunavoorzieningen bij 2 provinciale wegen (N224 en N227)

Meerjarendoel

2.1.4

Het areaal bos is vergroot en de kwaliteit van bestaand bos is verbeterd

Wat doen we?

  • Realiseren van hectares nieuw bos en hectares agroforestry door middel van het verlenen van subsidie voor de subsidieregelingen bos buiten NNN, agroforestry en voedselbos projecten.
  • Uitvoeren van maatregelen voor revitalisering om de kwaliteit van bestaand bos op de Utrechtse Heuvelrug te verbeteren.
  • We bereiden samen met de Veiligheidsregio Utrecht, gemeenten en terreineigenaren preventieve maatregelen in verband met natuurbrand voor op de Utrechtse Heuvelrug.

Beoogde resultaten:

  • Realisatie van 10 ha nieuw bos buiten NNN en realisatie van 15 ha agroforestry en voedselbos. Planten van 150.000 bomen in het kader van het Bomenplan uit het Coalitieakkoord.
  • Ten behoeve van revitalisering 2 hectare netto aanplant in bestaande bossen, 20 hectare bufferstoffen toevoegen, 50 hectare bosverjonging stimuleren en 30 hectare aanwijzen t.b.v. netwerk oude, aftakelende en dode bomen.
  • Op de Utrechtse Heuvelrug is een hoofdcompartimentering verder uitgerold en er is een gezamenlijk provinciaal programma natuurbrandbeheersing opgesteld.

Beleidsdoel

P2-2

De kwaliteit van de natuur is goed/divers en veerkrachtig

Meerjarendoel

2.2.1

Het beheer van bestaande bos-, natuur- en agrarische gebieden is effectiever en efficiënter.

Wat doen we?

  • Verstrekken van subsidie voor natuurbeheer voor een bedrag van ca. €12 miljoen per jaar (ruim 22.000 hectare).  
  • In het kader van het Utrechts Samenwerkingsmodel Natuurtoezicht vindt overleg en afstemming plaats tussen de natuurbeheerders, de provincie en de Omgevingsdienst Utrecht (ODU), en worden jaarlijks prioriteiten gesteld en gezamenlijke handhavingsacties uitgevoerd.
  • Verstrekken van subsidie voor agrarisch natuurbeheer voor ca. € 13 miljoen per jaar. Het agrarisch natuurbeheer wordt voor 65% gefinancierd uit EU-middelen.  

Beoogde resultaten:

  • Het aantal ha natuurterrein waarvoor subsidie natuurbeheer wordt verstrekt, is gegroeid met 200 ha.
  • De toezichtskalender 2028 is opgesteld.
  • Het aantal ha waarvoor subsidie agrarisch natuurbeheer wordt verstrekt blijft ten minste gelijk (ca.15.000 ha) ten opzichte van het aantal gerealiseerde hectares in 2026.

Meerjarendoel

2.2.2

De biodiversiteit in stad en platteland is verbeterd.

Wat doen we?

  • Stimuleren van maatregelen die leiden tot bescherming, instandhouding of herstel van biotopen (leefgebieden) en habitats van de benoemde aandachtsoorten, zowel in het landelijk gebied, in het bijzonder in het NNN (inclusief Natura 2000), als in de stedelijke omgeving.
  • Voortzetten van de (voorbereiding) uitvoering van natuurontwikkeling in de uiterwaarden van de Lek en de samenwerking in het kader van de opgaven in de dijkzone.
  • Binnen de Natura2000 gebieden en de overgangszones wordt actief ingezet op verwerving van essentiële percelen en maatregelen gericht op verlaging van de depositie op stikstofgevoelige habitats. In overgangszones versterken we natuurwaarden met onder andere groen-blauwe dooradering en het uitbreiden van weidevogelbeheer.
  • In 2027 werken we via het Uitvoeringsprogramma Agenda Natuurinclusief verder aan de natuurinclusieve samenleving en geven we handen en voeten aan het leidend principe uit de Omgevingsvisie dat natuurinclusief het uitgangspunt is bij (ruimtelijke) ontwikkelingen.

Beoogde resultaten:

  • Gebiedsprocessen rondom de 6 prioritaire N2000 gebieden zijn opgestart of opgeschaald.
  • Reductie van de depositie in de N2000 gebieden
  • Eind 2027 is vanuit het Uitvoeringsagenda Natuurinclusief, via de ambassadeurs, actieve ondersteuning en advies geboden bij de opstart of doorontwikkeling van tenminste 10 interne initiatieven op de verschillende thema's, met als doel natuurinclusief werken in te bedden in reguliere uitvoering van provinciale ambities.
  • Eind 2027 hebben alle gemeenten een SMP vergunning die is ingebed in de gemeentelijke organisatie, en hebben gemeenten die het betreft zicht op de wijze van verlenging van de vergunning.
  • Eind 2027 is bij minimaal 25% van alle Utrechtse gemeenten Natuurinclusief bouwen en ontwikkelen het uitgangspunt.

Meerjarendoel

2.2.3

De balans tussen ingrepen/faunabeheer en instandhoudingsdoelen bewaken en verbeteren.

Wat doen we?

  • Wij zetten het faunabeleid voort en houden de focus op het door de Faunabeheereenheid uit te voeren gecoördineerde gebiedsgerichte beheer en verbeterde registratie van maatregelen en intensievere monitoring, op basis van het faunabeheerplan.  
  • Voor wolven werken aan doorontwikkeling van de samenwerking met onze regionale partners en met partijen in de keten rondom de wolf. We continueren de actieve monitoring en rasterregeling. We blijven inzetten op de wolvenconsulent en het verlenen en uitvoeren van vergunningen.
  • We werken samen met eigenaren en beheerders om in natuurgebieden tot grootschalige bestrijding en beheersing over te gaan voor invasieve exoten. De subsidieregeling hiervoor wordt voortgezet. Ook wordt actiever ingezet op communicatie. Daarnaast intensiveren we de signalering en monitoring van nog niet gevestigde soorten.
  • Er wordt verder gewerkt aan een integrale gebiedsgerichte aanpak waarbij de (gunstige) staat van instandhouding van soorten versterkt wordt en vergunningen voor ruimtelijke ontwikkelingen kunnen worden afgegeven (SMP's buitengebied).

Beoogde resultaten:

  • In samenwerking met de Faunabeheereenheid wordt een eerste versie opgeleverd van het vernieuwde faunaregistratiesysteem.  
  • We onderzoeken de mogelijkheden voor het nemen van preventieve maatregelen t.b.v. het conflictvrij samenleven met de wolf.
  • Invulling geven aan het Landelijk Aanvalsplan Invasieve Exoten door onderzoek te doen naar de bestrijding van nijlganzen.
  • Voor de drie pilotgebieden (Eemland, Utrechtse Heuvelrug, Utrechtse Waarden) worden de eerste soortenmanagement plannen opgeleverd.

Meerjarendoel

2.2.4

Binnen en rond de Natura 2000 gebieden wordt de natuur verbeterd

Wat doen we?

  • De vijf geactualiseerde beheerplannen worden definitief vastgesteld en we starten/continueren de uitvoering van de daarin genoemde onderzoeken en maatregelen.
  • We werken mee aan de actualisatie van Natura 2000-beheerplannen voor het IJsselmeergebied en Rijntakken.
  • Vanuit de maatregelpakketten geven we een impuls aan de gebiedsprocessen rond Natura 2000 gebieden.
  • In de overgangszone rond N2000 zetten we in verweving van extensieve landbouw en natuur.  
  • We stellen monitoringsplannen voor biotiek en abiotiek op en richten de benodigde meetnetten die hieruit voortkomen in.

Beoogde resultaten:

  • Actuele beheerplannen N2000 gebieden die een goede basis vormen voor het te voeren beheer in de N2000 gebieden en maatregelen in de directe omgeving van de N2000 gebieden.  
  • De omgeving van de N2000 gebieden wordt zodanig ingericht en beheert dat ze bijdraagt aan het beter functioneren van de N2000 gebieden.  

Beleidsdoel

P2-3

De verbinding tussen natuur, mensen en maatschappij is sterk

Meerjarendoel

2.3.1

De betrokkenheid van inwoners bij natuur is groter en de samenwerking tussen bij natuur betrokken partijen is beter.

Wat doen we?

  • Verstrekken van een voortgangsrapportage voor Het Utrechts Landschap, Landschap Erfgoed Utrecht, IVN Natuureducatie en de stichting Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug over de KPI's die opgenomen zijn in de exploitatiesubsidie uit 2024. Continueren van het programma Groen doet Goed ter stimulans om kinderen (4-12 jaar) natuur te laten beleven. Vergroten van de beleefbaarheid van en betrokkenheid bij natuur d.m.v. subsidie voor projecten die hieraan bijdragen.
  • Er wordt invulling gegeven aan de middelen uit het coalitieakkoord t.b.v. natuur- en milieueducatie. Daarmee komen meer inwoners in aanraking met een beter en gevarieerder natuur- en duurzaamheidsonderwijs en projecten.

Beoogde resultaten:

  • Uitvoering van activiteiten door Utrechts Landschap, Landschap Erfgoed Utrecht, IVN Natuureducatie en de stichting Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug conform de in 2024 vastgestelde Beleidsuitwerking Natuur en samenleving 2025-2028.   
  • Uitvoering van activiteiten uit het programma Groen doet Goed door 11 gemeenten en uitvoering programma Groen aan de Buurt.
  • Verlenen van ten minste 4 subsidies Beleefbare natuur voor projecten die de natuurbeleving van inwoners en bezoekers van de provincie Utrecht bevorderen.
  • Voortzetting van het project Boerderij in de Kijker.

Beleidsdoel

P2-4

Duurzaamheid is een substantieel onderdeel van de Utrechtse landbouw

Meerjarendoel

2.4.1

De landbouw is meer circulair, natuurinclusief, klimaatneutraal en economisch rendabel. Aan dit bestaande meerjarendoel is toegevoegd het ongewenst gebruik van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB).

Wat doen we?

  • Vanuit middelen van het maatregelpakket Landbouw wordt ingezet op het verhogen van het aantal deelnemers aan de Utrechtse Monitor Duurzame Landbouw (naar 300). Daarnaast wordt een breed Kennisdelingsprogramma aangeboden ter ondersteuning van agrariërs die willen overstappen naar een duurzamere bedrijfsvoering.  
  • Voortzetting van aanbod Plattelandscoaches (120), Vraagbaak Landbouw (>150 unieke agrariërs), LaMi.nl en Vrijkomende Agrarische bebouwing (VAB, volgens planning in afgeslankte vorm). De agrariërs die de grootste opgave hebben door de doelen in het UPLG benaderen wij apart (casemanagement, 20). Ondersteuning bieden bij het opstellen van bedrijfsplannen en investeringssubsidies. Het voorgaande is overigens indirect  afhankelijk van de mogelijkheden voor vergunningverlening. Via het omgevingsbeleid zijn de mogelijkheden voor multifunctionele landbouw en verbreding verruimd. Aanvullend ondersteunen we agrariërs die aan de slag willen met verkoop in de korte keten, biologische Landbouw, Agricycling en nieuwe teelten. In aansluiting op het Rijk biedt de provincie verplaatsings- en beëindigingsregelingen.
  • Vanuit het maatregelpakket Landbouw ondersteunen we het Fieldlab Groene Hart en het Fieldlab Food Valley

Beoogde resultaten:

  • Meer bedrijven die met doelsturing gaan werken.   
  • Meer bedrijven die hun bedrijf verduurzamen en doorontwikkelen. Ondernemers die willen verplaatsen of stoppen worden gefaciliteerd.
  • Het beschikbaar komen van meer innovaties voor de agrarische sector, zowel op het gebied van management als techniek.  

Meerjarendoel

2.4.2

Utrechtse voedselproducenten produceren meer voor de regionale markt en Utrechtse inwoners kunnen gemakkelijker kiezen voor gezond en duurzaam voedsel.

Wat doen we?

  • In 2027 worden er minstens 9 Utrechtse gemeentes ondersteund met de subsidieregeling Aanjagen gemeentelijk Voedselbeleid 2026-2027.  
  • Het convenant “Samen eten we Utrecht mooier” voor zakelijke inkooporganisaties is afgerond en een plan van aanpak voor doorwerking van de ambities is opgesteld.

Beoogde resultaten:

  • Meer samenwerking tussen kennisinstellingen, stichtingen, voedselaanbieders, ketenpartners, gemeentes en korte keten ondernemers om in te zetten voor een gezonde en duurzame voedselomgeving en voedseleducatie.
  • We geven als provincie het goede voorbeeld voor een gezonder en duurzamer voedingspatroon met ons eigen inkoop

Meerjarendoel

2.4.3

De uitstoot en neerslag van Stikstof wordt gereduceerd.

Wat doen we?

  • Binnen de doelen en resultaten zoals beschreven onder 2.4.1 heeft ammoniakemissie een prominente plek. Ook (nog niet) geborgde emissiereductie faciliteren wij.  
  • Het databestand met gegevens over vergunningen en daadwerkelijke emissies is bruikbaar om veranderingen in emissies in beeld te brengen en voor de Gebiedsgerichte Aanpak.
  • Binnen de provinciale rol en mogelijkheden dragen wij bij aan vergunningverlening. Wij verlenen in 2027 circa tien vergunningen met de methodiek van doelsturing.
  • Ter onderbouwing werken wij het kader voor additionaliteit verder uit.
  • We zetten in op verdere ontwikkeling van de methodiek en de validatie van innovatieve systemen. Wij trekken hierbij zoveel mogelijk op met andere overheden (Rijk, IPO), de sector en bedrijfsleven.  

Beoogde resultaten:

  • Het verminderen van ammoniak emissies uit de veehouderij.
  • Het monitoren van deze emissies naar plaats en tijd.
  • Bijdragen aan een systematiek van borging en vergunningverlening binnen de provinciale rol en mogelijkheden.

Beleidsdoel

P2-5

De leefbaarheid van het landelijk gebied is door lokale initiatieven versterkt

Meerjarendoel

2.5.1

De leefbaarheid van het landelijk gebied en de kleine kernen is beter

Wat doen we?

  • Verstrekken van minimaal 8 subsidies (maximaal 300.000 euro) ter bevordering van sociale cohesie in het landelijk gebied en de daarin gelegen kleine kernen. Dit betreft subsidies voor investeringen in een bestaande fysieke basisvoorziening in het sociaal domein, voor het uitvoeren van activiteiten ter bevordering van de sociale cohesie en voor het versterken van organisaties die de sociale cohesie bevorderen.

Beoogde resultaten:

  • Bevordering van de sociale cohesie in het landelijk gebied en kleine kernen (binnen de maximaal 300.000 euro beschikbaarheid).

Meerjarendoel

2.5.2

De gebiedsaanpak wordt versterkt.

Wat doen we?

  • Het samenwerkingsmodel wordt geactualiseerd waarbij het zwaartepunt bij de bestuurlijke begeleidingsgroepen in de negen gebieden komt te liggen.  
  • Vanuit de maatregelenpakketten wordt een impuls gegeven aan de gebiedsgerichte aanpak en de uitvoering van het UPLG. Het gaat zowel om gebiedsprocessen als concrete uitvoeringsprojecten.
  • In het kader van beleid en uitvoering starten we met de inrichting van de integratiekolom UPLG  
  • Vanuit de Groene Hart samenwerking wordt gewerkt aan uitvoeringsplannen voor middelen uit het landelijke stikstoffonds   

Beoogde resultaten:

  • Duidelijk kader voor gebieden om tot uitvoering te komen van het UPLG
  • Intensivering van gebiedsprocessen en opstart van nieuwe processen met de focus op de overgangzones Natura2000 gebieden
  • Middelen voor uitvoering UPLG

Wat gaat het kosten?

Beleidsdoel
Meerjarendoel

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

P2-1

Natuurnetwerk robuust (ontwikkeld)

-19.995

-28.765

-31.383

-23.232

-22.133

-19.953

P2-1-1

NNN is groter van oppervlakte

-17.662

-23.252

-25.531

-17.288

-17.254

-15.786

P2-1-2

De groene contour is verder gerealiseerd

-26

-1.750

-1.100

-500

0

0

P2-1-3

Natuurgebieden beter verbonden

-1.328

-771

-701

-735

-261

-261

P2-1-4

Areaal bos buiten NNN en GC is vergroot

-979

-2.992

-4.051

-4.710

-4.619

-3.907

P2-2

Kwaliteit van natuur is goed/divers

-47.189

-62.796

-68.213

-84.086

-50.180

-57.298

P2-2-1

Beheer bos-, natuur- en agrarische geb.

-21.641

-35.886

-35.820

-53.752

-22.903

-22.890

P2-2-2

Biodiversiteit stad/platteland verbeterd

-8.318

-9.963

-10.517

-11.307

-8.456

-15.410

P2-2-3

Balans faunabeheer en instandhouding

-17.229

-16.947

-21.876

-19.027

-18.821

-18.999

P2-3

Verbinding natuur, mensen, maatsch.

-3.599

-3.299

-3.141

-3.153

-3.002

-3.002

P2-3-1

De betrokkenheid van inwoners bij natuur

-3.599

-3.299

-3.141

-3.153

-3.002

-3.002

P2-4

Duurzaamheid substantieel onderdeel

-8.229

-16.611

-9.572

-4.400

-4.200

-4.200

P2-4-1

Landbouw meer circulair en rendabel

-7.508

-15.837

-8.998

-3.824

-3.624

-3.624

P2-4-2

Gezond en duurzaam voedsel in reg. markt

-483

-574

-573

-576

-576

-576

P2-4-3

Minder ongewenst gebruik van VAB

-238

-200

0

0

0

0

P2-5

Leefbaarheid van landelijk gebied

-219

-582

-602

-257

-257

-257

P2-5-1

Landelijk gebied en de kleine kernen

-219

-582

-602

-257

-257

-257

Totaal programma voor bestemming

-79.231

-112.054

-112.911

-115.128

-79.772

-84.710

Voorstel resultaatbestemming

Onttrekkingen

30.846

41.269

29.916

30.713

5.064

11.306

Toevoegingen

11.672

17.000

8.277

2.020

290

0

Totaal voorstel resultaatbestemming

19.174

24.269

21.639

28.693

4.774

11.306

Totaal Landelijk gebied na bestemming

-60.057

-87.785

-91.272

-86.435

-74.998

-73.404

Deze pagina is gebouwd op 09/29/2026 16:50:31 met de export van 09/29/2026 16:42:59