Home

Bijlagen niet ter vaststelling (GS begroting 2027)

Wat willen we bereiken?

Beleidsdoel

9.1

Het bedrijfsleven en werknemers zijn toegerust op de toekomst

9.2

Bedrijven en (kennis)instellingen werken aan innovaties voor maatschappelijke transities passend bij het regionaal profiel

9.3

Er zijn voldoende vestigingsmogelijkheden in aantal en kwaliteit

Wat gaan we daarvoor doen?

Beleidsdoel

P9-1

Het bedrijfsleven en werknemers zijn toegerust op de toekomst

Meerjarendoel

9.1.1

De regionale arbeidsmarkt functioneert beter door goede aansluiting van vraag en aanbod waarin Leven Lang Ontwikkelen centraal staat.

Wat doen we?

  • In 2026 is de subsidieregeling Impulsplannen Utrecht Talent Alliantie vernieuwd. In 2027 hopen we met deze subsidieregeling een aantal publiek-private opleidingsinitiatieven te ondersteunen die bijdragen aan bovenstaand meerjarendoel.
  • In 2027 werken we als partner en financier van het Regionaal Talentfonds aan opschaling. Prioriteiten zijn de publiek-private bekostiging van het fonds, versterking van de landelijke samenwerking en lobby zodat meer mensen in de regio de komende jaren een stap zetten in het versterken van de positie op de arbeidsmarkt.   
  • We zetten de samenwerking met arbeidsmarktregio's door, onder andere door in te zetten op Europese middelen voor begeleiding en om- en bijscholing (ESF+).
  • Door het ontwikkelen van en participeren in innovatieve arbeidsmarktprogramma’s stimuleren we regionale en (boven)sectorale samenwerking tussen werkgevers, niet-bekostigde instellingen en publieke opleiders en proberen daarmee middelen vanuit Rijk en/of Europese Unie naar de regio Utrecht te halen.

Beoogde resultaten:

  • We brengen deze regionale samenwerking inclusief de beschikbare expertise en middelen onder de aandacht van andere beleidsopgaves waar ook personele uitdagingen van toepassing zijn.  In 2027 worden 3 tot 5 succesvolle impulsplannen via de UTA beschikt.  
  • In 2027 is het bereik van het Regionaal Talentfonds verder opgeschaald en hebben 1.000 extra werkenden en werkzoekenden scholing gevolgd of zijn dit aan het volgen.

Meerjarendoel

9.1.2

Bedrijven en werknemers zijn beter voorbereid op maatschappelijke transities passend bij het regionaal profiel, zoals digitalisering en circulaire economie.

Wat doen we?

  • Provincies Noord-Holland en Flevoland zijn onze partners in de Europese Digitale Innovatie Hubs (EDIH). In 2027 geven we samen invulling aan de verdere doorontwikkeling van de EDIH om bedrijven te stimuleren om verder te digitaliseren.  
  • Samen met het team Circulaire Samenleving voeren we de uitvoeringsagenda bij de Middellange Termijn Strategie uit. Belangrijk onderdeel daarin zijn bedrijven, ketens en de ruimtevraag. Daarvoor wordt in 2027 uitvoering gegeven aan het Uitvoeringsprogramma Ruimte voor Circulaire Bedrijvigheid.

Beoogde resultaten:

  • Vanuit de Europese Digitale Innovatie Hub (EDIH) worden in 2027 circa 100 bedrijven in de provincie Utrecht bereikt via events, 1-op-1 gesprekken, volwassenheidsscans en advies over vervolgstappen.   
  • Samen met team Circulaire Samenleving geven we in 2027 concrete invulling aan de Middellange Termijn Strategie circulaire samenleving. Bijvoorbeeld via verder professionaliseren van circulair business development bij de ROM, zodat innovatieve circulaire bedrijven toegang vinden tot kennis, netwerk en financiering. Daarnaast nemen we in 2027 de volgende stap om (na het haalbaarheidsonderzoek in 2026) in samenwerking met publieke en private partners resultaatfinanciering voor circulair ondernemers verder te brengen.
  • In 2027 zoeken we met zorgpartijen naar een structurele borging van de ketenregie circulaire zorg en werken de ketenregisseurs door aan het aanjagen van minimaal 6 versnellingsprojecten

Meerjarendoel

9.1.3

De dienstverlening voor (mkb-) ondernemers is beter op elkaar aangesloten.

Wat doen we?

  • Door samenwerking met KVK, RVO, ROM regio Utrecht, HU en gemeentes versterken we de dienstverlening naar ondernemers in onze regio.
  • We ondersteunen het Utrecht International Center bij het welkom heten van nieuwkomers en het toekomstbestendig maken van de uitvoeringsorganisatie zelf.

Beoogde resultaten:

  • In 2027 zetten we in op verdere opschaling (in kwaliteit en in kwantiteit) van de regionale samenwerking doordat er 2 nieuwe partners (voornamelijk gemeenten) worden betrokken bij de samenwerking. We organiseren en faciliteren de fysieke bijeenkomsten 3 keer per jaar. Door regionaal samenwerken brengen we dienstverleningspartners in de regio samen, waardoor de dienstverlening wordt ontschot, informatie en best-practices onderling meer worden gedeeld en koppelkansen worden benut.
  • Verbeteren online omgeving (inzet tool) om het uitwisselen van informatie over dienstverlening tussen partners onderling toegankelijker te maken. Waar mogelijk sluiten we aan bij landelijke initiatieven om de dienstverlening te verbeteren. Zo nam de provincie in 2026 deel aan een landelijke pilot vanuit BZK/EZK om een AI tool te ontwikkelen die ondernemers en adviseurs van ondernemers snel overzicht biedt en ze leidt naar relevante dienstverlening; bij succes wordt deze tool in 2027 mogelijk breder beschikbaar gemaakt, ook in onze regio.
  • Het Utrecht International Center heeft aantoonbaar SMART resultaten geboekt op het vlak van geholpen nieuwkomers (10.000), aangesloten gemeenten (2 extra), regionale mkb-partners (100) en corporate partners (tenminste 3 extra). In 2027 wordt een evaluatie van het centrum gestart en wordt er met partners gesproken hoe de samenwerking er de komende jaren uit kan komen te zien.

Beleidsdoel

P9-2

Bedrijven en (kennis)instellingen werken aan innovaties voor maatschappelijke transities passend bij het regionaal profiel

Meerjarendoel

9.2.1

Innovatie is sterker doordat overheden, onderwijs, onderzoek en ondernemers elkaar makkelijker weten te vinden.

Wat doen we?

  • In de regio werken we in 2027 samen met onze partners (HU, UU, UMCU, EBU, ROM en ambtelijke collega's) aan het opstellen van een herijkte Regionaal Economische Agenda (REA) die de basis biedt voor de regionale innovatieprioritering.
  • We geven uitvoering aan de regionale economische investeringsagenda (REIA), waarin helder staan omschreven welke publiek-private investeringen nodig zijn voor blijvend competitieve, veerkrachtige, klimaatneutrale en circulaire economie.
  • We bouwen voort op de samenwerking met de ROM Utrecht Region bij het versterken van de ecosystemen Life Sciences & Health, Earth Valley en New Digital Society, onder meer door de interactie tussen ecosysteempartners te intensiveren (zoals de U-Forward ontbijtsessies) en door nieuwe gezamenlijke projecten en programma's op te zetten voor dual use innovatie (defensie), klimaatadaptatie, circulariteit en energiemanagementsystemen, met een sterkere koppeling aan Europese middelen.
  • We werken aan het wegnemen van belemmerende regelgeving en we stimuleren innovatie-bevorderende kaders, zoals regulatory sandboxes (regelluwe zones) en ondersteuning bij certificering van innovatieve oplossingen.

Beoogde resultaten:

  • De herijkte Regionaal Economische Agenda (REA) is gepubliceerd.
  • De EBU en het netwerk zijn succesvol ingezet op de lobby in Den Haag en Brussel voor onder andere investeringspropositie(s), nationale en Europese subsidieaanvragen en wet- en regelgeving). De financiële investeringen van private partijen in innovatie en R&D zijn vergroot.   
  • Bedrijven, overheden en kennisinstellingen werken volgens concrete afspraken gezamenlijk aan de uitvoering van de REIA en het verzilveren van investeringsklare proposities. We richten ons onder andere op het thema waterkwaliteit door innovatieve oplossingen voor PFAS-verwijdering verder te helpen in een consortium van publieke, semipublieke en private partijen.
  • Er zijn concrete innovatietrajecten ontwikkeld en opgeschaald die zowel economisch kansrijk zijn als bijdragen aan Utrecht als kloppend hart van een gezonde samenleving, mede door een gestroomlijnd innovatieproces samen met de ROM en gerichte investeringen in de ecosystemen Life Sciences & Health, Earth Valley en New Digital Society.
  • Belemmerende wet- en regelgeving voor innovatieve ondernemers is (deels) weggenomen, en innovatie-bevorderende kaders zoals regulatory sandboxes en ondersteuning bij certificering zijn gestimuleerd.

Meerjarendoel

9.2.2

Innovatie is sterker doordat meer bedrijven gebruik maken van nieuwe kennis en inzichten.

Wat doen we?

  • We geven ook in 2027 uitvoering aan de Mkb Innovatie Topsectoren-regeling (MIT), samen met het ministerie van Economische Zaken. Met deze succesvolle regeling ondersteunen we het mkb bij de uitvoering van haalbaarheidsonderzoeken en R&D-samenwerkingsprojecten, zodat zij nieuwe ideeën verder kunnen ontwikkelen en toepassen binnen hun organisatie. Dit jaar denken we tenminste 39 bedrijven te kunnen ondersteunen. De interesse in deze regeling is jaarlijks groot en er kan dan ook slechts een gedeelte van de aanvragen worden gehonoreerd. Uitdaging is de commitment van het ministerie van Economische Zaken voor de MIT Haalbaarheid.
  • Via het samenwerkingsverband Kansen voor West hebben we in de periode 2021-2027 de beschikking over Europese gelden (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling) om initiatieven op gebied van innovatie en klimaat te ondersteunen. Hier is geen provinciale cofinanciering voor nodig.
  • We gaan valorisatie en innovatie bij mkb-bedrijven actief ondersteunen, zodat mkb bedrijven meer gebruik kunnen maken van aanwezige nieuwe kennis en inzichten.
  • We vergroten actief de zichtbaarheid van maatschappelijk relevante innovaties vanuit het bedrijfsleven via provinciale en andere kanalen, zodat kansen voor opschaling beter worden benut en de kring van betrokken ondernemers wordt verbreed.
  • We hebben specifieke aandacht voor de kansen voor dual use innovatie waarbij defensie toepassingen en maatschappelijke transities elkaar versterken.
  • We verkennen de mogelijkheden voor innovatieve inkoop verder met het expertteam MVOI binnen de provincie Utrecht. Daarnaast sporen we gemeenten aan om innovatiever in te kopen.

Beoogde resultaten:

  • Er is een sluitende financieringsketen gerealiseerd via de inzet van MIT, ROM-fondsen en Kansen voor West, waarmee maatschappelijke innovatie, kennisontwikkeling en netwerkvorming zijn versneld.
  • Het innovatieve mkb heeft met minimaal 30 haalbaarheidsonderzoeken en ongeveer 9 R&D-samenwerkingsprojecten maatschappelijk relevante innovaties kunnen doorontwikkelen.
  • Het innovatieve mkb heeft in 2027 innovaties kunnen valideren en opschalen doormiddel van pilotvouchers, op de gebieden van energietransitie, gezondheid, EdTech, circulaire economie en AI en cybersecurity.
  • Er is een pilot voor incubatie van innovatie binnen bestaand mkb opgezet.
  • De zichtbaarheid van maatschappelijk relevante innovaties vanuit het bedrijfsleven is actief vergroot via provinciale en andere kanalen, zodat kansen voor opschaling beter worden benut en de kring van betrokken ondernemers wordt verbreed. Rolmodellen zijn breed uitgelicht, ook internationaal en Europees, waarmee is laten zien dat maatschappelijk relevante private innovatie ook financieel-economische kansen biedt.
  • Het in 2026 opgezette regioteam Utrecht-Flevoland (met actieve participatie van de ROM en de provincie Utrecht) speelt een sleutelrol om de bestaande ecosystemen te koppelen aan de defensie-gerelateerde innovatiekansen. Hiertoe wordt de samenwerking tussen bedrijven, kennisinstellingen en defensie op twee specifieke defensielocaties verder uitgewerkt: het Centrum voor Mens en Luchtvaart (Soesterberg) en het Techniek Centrum Landmacht (Leusden). De samenwerking met andere defensielocaties zoals de Bernhardkazerne en de Kromhoutkazerne wordt verder verkend.
  • Innovatie-expo's en -festivals zijn gefaciliteerd als ontmoetingsplek om vraag naar en aanbod van maatschappelijke innovatie effectiever bij elkaar te brengen.
  • De mogelijkheden voor innovatieve inkoop zijn verkend, waarmee innovatieve bedrijven zijn uitgedaagd nieuwe oplossingen te ontwikkelen voor concrete maatschappelijke opgaven, in samenwerking met gemeenten.

Meerjarendoel

9.2.3

Het innovatie-ecosysteem is beter met meer startups en scale-ups die bijdragen aan maatschappelijke transities passend bij het regionaal profiel.

Wat doen we?

  • We sturen als aandeelhouder en opdrachtgever op het opstellen van een nieuwe meerjarenstrategie 2027 – 2030 voor de ROM, waarin zowel gestreefd wordt naar het vergroten van het regionale verdienvermogen als het stimuleren van innovatie voor maatschappelijke vraagstukken.
  • In 2027 schalen we de inspanningen vanuit de PU op t.a.v. het startup/scale-up klimaat, afhankelijk van de uitkomsten van de monitoring van de activiteiten en resultaten van de incubator (Utrecht Inc./ICAT) die een meerjarige subsidie heeft ontvangen in 2025. Dit zijn organisaties die concrete dienstverlening geven aan beginnende ondernemers om een bedrijf op te richten. Het nieuwe kader (vastgesteld in 2024) legt meer nadruk op de ondersteuning van beginnende bedrijven gericht op de maatschappelijke transities, nadrukkelijk ook om circulaire starters te ondersteunen. Daarnaast is er meer aandacht voor het ondersteunen van divers en inclusief ondernemerschap, in het bijzonder vrouwelijk ondernemerschap. Tenslotte worden twee nieuwe aandachtsvelden geëxploreerd: social impact innoveren en incubatie van innovatie binnen bestaand mkb.

Beoogde resultaten:

  • In 2027 is het proces van de nieuwe meerjarenstrategie van de ROM afgerond.
  • Er zijn door inzet van de ROM Utrecht Region 14 startups en scale-ups geholpen in hun groeifinanciering door twee leningen vanuit de VFF-regeling, zes investeringen vanuit het POC-fonds en zes investeringen vanuit het Participatiefonds van de ROM Utrecht Region.  
  • De incubators ondersteunen gezamenlijk 100-150 beginnende ondernemers en geven inzicht in hun activiteiten om meer divers en inclusief ondernemerschap, waaronder vrouwelijk ondernemerschap te ondersteunen. Daarvan doorlopen 50 ondernemers een validatie-programma.
  • We hebben een duidelijke propositie hoe incubatie van social impact innovatie kan worden ondersteund vanuit een samenhangend netwerk van organisaties zoals Utrecht Inc., Social Impact Factory, Social Impact 030 en Innofest.

Beleidsdoel

P9-3

Er zijn voldoende vestigingsmogelijkheden in aantal en kwaliteit

Meerjarendoel

9.3.1

Werklocaties worden intensiever gebruikt en sluiten beter aan bij de marktvraag.

Wat doen we?

  • Op basis van een nieuwe behoefteraming werklocaties bepalen we welke programmeringsruimte we mogelijk willen maken voor nieuwe bedrijventerreinen, net als de ruimteopbrengst op bestaande bedrijventerreinen en de ruimtevraag voor maatschappelijke transities.
  • Opstellen van het Provinciaal Programma Wonen en Werken i.s.m. de regio`s en gemeenten. We benutten daarvoor de nieuwe behoefteramingen werklocaties en actuele inzichten in de ontwikkeling van vraag naar en aanbod van werklocaties (bedrijventerreinen, kantoren-, innovatie- en centrumgebieden), waaronder de jaarlijkse vastgoedmonitor.  
  • We blijven inzetten op intensiever gebruik van bestaande werklocaties door uitvoering van het Plan van Aanpak Toekomstbestendige werklocaties (NV OMU). Dit betekent 530.000 m2 bruto vloeroppervlakte (BVO)* (equivalent van 85 ha.) ruimtewinst van bedrijfsruimte door intensivering en verduurzaming in 2037, door zowel de inspanningen van NV OMU als marktpartijen. Daarnaast monitoren we de totale oppervlakte aan hectaren verouderde bedrijventerreinen wat door NV OMU wordt aangepakt. Dus de totale oppervlakte aan aangekochte OMU-locaties waar vernieuwing, intensivering en verduurzaming plaatsvindt door sloop/nieuwbouw en heruitgifte.
  • In 2026 is in de verordening een eerste stap gezet met het aanwijzen van kadegebonden bedrijventerreinen met een hoge milieucategorie als beschermde bedrijventerreinen. In 2027 verkennen we welke aanvullende bedrijventerreinen in aanmerking komen voor bescherming, mede op basis van de actualisatie van de programmering en de regionale behoefte.
  • In 2027 zorgen we voor borging van een concept locatiebesluit over regionale bedrijventerreinen (einde 2026) in het proces van het PPWW28 (incl. PlanMER en tussentijdse besluitvorming door PS). We bepalen de rol die de provincie kan nemen bij de ontwikkeling van deze grootschalige bedrijventerreinen.

Beoogde resultaten:

  • Doorvertaling van een vastgestelde behoefteraming in programmeringsafspraken met drie regio’s over nieuwe werklocaties, regionale bedrijventerreinen en intensivering van bestaande werklocaties.
  • Intensievere benutting bedrijventerreinen door uitvoering van het Plan van Aanpak Toekomstbestendige werklocaties (NV OMU), in 2027 is de prognose om cumulatief 95.000 m2 BVO aan hernieuwde bedrijfsruimte te realiseren. Het Plan van Aanpak Toekomstbestendige werklocaties (NV OMU) is gecontinueerd. We verwachten in 2027 te starten met een pilot Beter Benutten vanuit het Ministerie van EZ, waaraan een uitkering van € 2,1 miljoen is gekoppeld.
  • In 2027 zijn op basis van de actualisatie van de programmering en regionale behoefte aanvullende bedrijventerreinen verkend en geselecteerd die in aanmerking komen voor bescherming in de verordening.
  • Er is uitwerking gegeven aan de koersbepaling en rolduiding bij toekomstige ontwikkelingen van grootschalige bedrijventerreinen.

Meerjarendoel

9.3.2

Werklocaties zijn duurzamer (circulair, klimaat, energie, gezondheid) en economisch krachtiger.

Wat doen we?

  • De provincie is betrokken bij het programma Werklandschappen van de Toekomst en werkt samen met de deelnemende provincies aan de verdere vormgeving van fase 2 van het programma. We stimuleren de ontwikkeling van groene, gezonde en klimaatadaptieve bedrijventerreinen door kennisontwikkeling, kennisdeling en ondersteuning van bedrijventerreinen. We werken de zwermaanpak verder uit en ondersteunen de toepassing hiervan op meerdere bedrijventerreinen in de provincie Utrecht.
  • We benutten de lessen uit lopende pilots en onderzoeken oplossingen voor netcongestie t.a.v. nieuwe bedrijventerreinen. We ontwikkelen een bredere aanpak voor kennisdeling en toepassing van succesvolle oplossingen op andere (nieuwe) bedrijventerreinen.
  • We brengen de wateropgave op bedrijventerreinen verder in beeld en concretiseren de rol van de provincie bij het ondersteunen van gemeenten. We verkennen kansen voor pilots gericht op waterrobuuste en klimaatadaptieve bedrijventerreinen.
  • We werken aan een integrale aanpak voor de inzet op toekomstbestendige bedrijventerreinen, waarin ruimtegebruik, energie, water, klimaatadaptatie en economische ontwikkeling in samenhang worden benaderd. En we verkennen en toetsen in pilots hoe dit vormgegeven kan worden.
  • We zetten ons in om actief ruimte te ontwikkelen voor circulaire sleutelschakels om ketens op provinciaal niveau te sluiten. Daarnaast verkennen we hoe we ruimte kunnen gaan reserveren voor circulaire bedrijven op nieuwe bedrijventerreinen.

Beoogde resultaten:

  • In 2027 is binnen het programma Werklandschappen van de Toekomst de kennis en toepassing van maatregelen voor vergroening, gezondheid en klimaatadaptatie op bedrijventerreinen verder vergroot en verbreed naar meerdere terreinen in de provincie Utrecht, waarbij de Utrechtse inzet t.a.v. de bedoeling van het programma wordt voortgezet.
  • Kansrijke oplossingen en handelingsperspectieven voor de ontwikkeling van bedrijventerreinen in tijden van netcongestie zijn in beeld gebracht en toegepast, waardoor gemeenten en ontwikkelende partijen deze vaker benutten en de ontwikkeling van bedrijventerreinen wordt versneld.
  • ·   De wateropgave op bedrijventerreinen is scherper in beeld gebracht en vertaald naar concrete maatregelen en pilots.
  • In 2027 is er meer samenhang gerealiseerd tussen ruimte-, energie-, water-, klimaat- en economische opgaven op bestaande bedrijventerreinen en is een gezamenlijk handelingsperspectief ontwikkeld, waardoor de uitvoeringskracht van gemeenten en partners is vergroot.
  • Er is een handreiking opgesteld hoe we circulaire bedrijven voorrang kunnen verlenen bij nieuw uit te geven bedrijventerreinen.

Meerjarendoel

9.3.3

Er zijn meer en sterkere innovatielocaties die passen bij het regionaal profiel.

Wat doen we?

  • We monitoren de ruimtevraag op innovatielocaties en betrekken stakeholders structureel bij het duiden van hun ruimtevraag.
  • We verkennen per ecosysteem mogelijke kernlocaties en werken i.s.m. gemeenten en andere stakeholders locatieprofielen uit die de rol van locaties in de ontwikkelketen en het regionale ecosysteem duiden.
  • We verkennen hoe ruimte voor innovatie en experimenteerruimte voor pilots en testomgevingen verder ontwikkeld kan worden en in hoeverre en welke financiële instrumenten daarvoor beschikbaar zijn.
  • We stimuleren gemeenten en bedrijven om een plan van aanpak per innovatielocatie op te stellen en we verkennen hoe samenwerking en doorstroming tussen locaties verder kan worden gestimuleerd.

Beoogde resultaten:

  • Structurele integratie van ontwikkelingen op innovatielocaties in provinciale monitoring.
  • In 2027 is verkend hoe een samenhangend netwerk van kernlocaties per ecosysteem kan worden versterkt met duidelijke rollen binnen de regionale innovatieketen.
  • Er is verkend hoe experimenteerruimte voor pilots en testomgevingen structureel kan worden ontwikkeld en welke financiële instrumenten daarbij kunnen worden ingezet.
  • Verkenning versterking samenwerking en doorstroming tussen innovatielocaties.

Wat gaat het kosten?

Beleidsdoel
Meerjarendoel

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

P9-1

Toekomst bedrijfsleven en werknemers

-3.337

-4.025

-4.739

-2.253

-2.253

-2.253

P9-1-1

Arbeidsmarkt functioneert beter

-2.485

-2.729

-3.841

-1.348

-1.348

-1.348

P9-1-2

Digitalisering bedrijven en werknemers

-487

-900

-710

-716

-716

-716

P9-1-3

Dienstverlening voor (mkb) ondernemers b

-365

-396

-188

-189

-189

-189

P9-2

Bedrijven werken aan innovaties maatscha

-7.174

-8.128

-7.819

-7.444

-6.979

-6.979

P9-2-1

Samenw. regio krachtiger en effectiever

-1.406

-1.015

-1.070

-1.082

-1.082

-1.082

P9-2-2

Innovatie en vestigingsklimaat is beter

-2.856

-4.417

-3.972

-3.572

-3.107

-3.107

P9-2-3

Het startup klimaat is beter

-2.912

-2.696

-2.777

-2.790

-2.790

-2.790

P9-3

Voldoende vestigingsmogelijkheden

-907

-2.679

-2.533

-848

-848

-848

P9-3-1

Werklocaties intensiever gebruikt

-671

-2.356

-2.198

-505

-505

-505

P9-3-2

Werklocaties zijn duurzamer

-236

-323

-335

-342

-342

-342

Totaal programma voor bestemming

-11.418

-14.832

-15.091

-10.544

-10.079

-10.079

Voorstel resultaatbestemming

Onttrekkingen

12.022

3.400

1.750

0

0

0

Toevoegingen

3.000

3.000

3.000

3.000

0

0

Totaal voorstel resultaatbestemming

9.022

400

-1.250

-3.000

0

0

Totaal Economie na bestemming

-2.396

-14.432

-16.341

-13.544

-10.079

-10.079

Deze pagina is gebouwd op 09/29/2026 16:50:31 met de export van 09/29/2026 16:42:59